Besnijdenis (1 jan): Verlost door de besnijdenis van Jezus

This sermon will soon be available in English.

“En toen acht dagen vervuld waren, en men het Kind besnijden moest, werd Hem de Naam Jezus gegeven, die genoemd was door de engel voordat Hij in de moederschoot ontvangen was. “

Je zou kunnen denken dat de besnijdenis niet zo belangrijk was. Als Joods gebruik moest het maar gebeuren. Waarom moeten we dat dan vieren, zou u kunnen vragen? Waarom ons niet richten op nieuwjaarsdag? Inderdaad nieuwjaarsdag is terecht in onze gedachten. Het is goed om hier te zijn op de eerste dag van het jaar. Net zoals wij onze dag beginnen en eindigen met het morgen- en avondgebed, en onze weken een aaneengesloten viering zijn van Eucharistie op Eucharistie, zo beginnen we ook het nieuwe jaar door stil te staan bij wat de Heer gedaan heeft en doet voor onze verlossing, heiligmaking en voorbereiding op Zijn wederkomst.

Niettemin zouden we Paulus en Jezus – en het geestelijk belang van de Wet – tekort doen door de feestdag van de besnijdenis van onze Heer te laten overschaduwen door Oud en Nieuw en liever uit te slapen. Juist de feestdag van de besnijdenis van onze Heer is behulpzaam om ook onze gedachten te heiligen op de eerste dag van het nieuwe jaar. Laten we stap voor stap de betekenis van de besnijdenis onderzoeken: voor Abraham, voor Israel, voor Jezus en tenslotte voor onszelf.

Abraham en de besnijdenis

Abraham ontving het verbond van de besnijdenis als een blijvend teken voor hem en Zijn nageslacht. Paulus zegt in ons Epistel:

“Abraham heeft het teken van de besnijdenis ontvangen als een zegel van de gerechtigheid van het geloof.” 

De besnijdenis was een teken van iets dat onzichtbaar was, namelijk de gerechtigheid van het geloof: de volkomen toewijding en gehoorzaamheid aan God. Maar het was niettemin een teken. Een teken dat het Joodse volk juist moest onderscheiden van de volkeren om hen heen. De wereld is simpel in het Oude Testament er zijn besnedenen en onbesnedenen.  De eersten dienen God, de tweeden zijn in opstand. Misschien verbaast het jullie als ik zeg dat Paulus’ wereldbeeld niet veranderd is. De wereld van Paulus bestaat zoals we lezen in het Epistel nog steeds uit besnedenen en onbesnedenen. Wat hij hier en elders doet, is de traditionele Joodse concepten heroriënteren rondom Jezus Christus.  In het Epistel van vandaag zet hij daartoe de eerste stap.

“Wij zeggen immers dat aan Abraham het geloof gerekend is tot gerechtigheid. Hoe is het hem dan toegerekend? Toen hij besneden was of als een onbesnedene? Niet als besnedene, maar als onbesnedene!” 

De eerste stap voor Paulus is in te zien dat de besnijdenis enkel een teken is van rechtvaardigmakend geloof. En hij doet dit door erop te wijzen dat Abraham dit al had voordat hij besneden was.

Israel en de Besnijdenis

Maar er is meer. De besnijdenis was niet alleen aan Israel als teken gegeven om hen te onderscheiden, maar ook om hen te leren wat het eigenlijke probleem van de mensheid was. In de verdere Romeinenbrief zegt Paulus namelijk dat de besnijdenis niet het eigenlijke probleem van Israel en de mensheid oplost. Paulus zegt (Rom. 8:3):

 “Want het was voor de wet van de besnijdenis onmogelijk, krachteloos als zij was door het vlees.” 

Israel kon God niet volkomen gehoorzamen en toegewijd leven door de wet. Deze was krachteloos door het vlees. En hiermee bedoeld Paulus de zondige natuur van de mens die zich altijd afkeert van God. Israel deelde in die natuur.

Het was daarom ook een belangrijke belofte aan Israel dat dit probleem zou worden aangepakt. In Deuteronomium 30 – een van Paulus favoriete teksten – spreekt Mozes over het uiteindelijke herstel van Israel na de ballingschap en zegt (Deut. 30:2,6):

“En u zult zich bekeren tot de HEERE, uw God, en Zijn stem gehoorzaam zijn, u en uw kinderen, met heel uw hart en met heel uw ziel…” Hoe? “De HEERE, uw God, zal uw hart en het hart van uw nageslacht besnijden, om de HEERE, uw God, lief te hebben met heel uw hart en met heel uw ziel, zodat u leven zult.”

 Geen besnijdenis van het vlees, maar van het hart is nodig. In Jeremia wordt deze belofte van herstel herhaald. Er komt een nieuw verbond (Jer. 31:33):

Voorzeker, dit is het verbond dat Ik na die dagen met het huis van Israël sluiten zal, spreekt de HEERE: Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven en zal die in hun hart schrijven.” 

Jezus en de ware Besnijdenis

Dit is de ware besnijdenis van het hart. Hoe heeft God die gebracht? Paulus zegt het ons in het vervolg van het eerder geciteerde vers uit Romeinen:

dat heeft God gedaan: Hij heeft Zijn eigen Zoon gezonden in een gedaante gelijk aan het zondige vlees en dat omwille van de zonde, en de zonde veroordeeld in het vlees, opdat de rechtvaardige eis van de wet vervuld zou worden in ons, die niet naar het vlees wandelen, maar naar de Geest.”

 God zelf moet komen om de zonde te veroordelen in het vlees in de persoon van Jezus Christus. In Hem wordt de rechtvaardige eis van de wet vervuld. Hoe dan? Juist, door Zijn besnijdenis. Hij zegt het in Romeinen, maar wat duidelijker in Kollosenzen (Kol. 2:11):

In Hem bent u ook besneden met een besnijdenis die niet met handen plaatsvindt, door het uittrekken van het lichaam van de zonden van het vlees, door de besnijdenis van Christus.”

 Dit is de besnijdenis van het hart.  We spreken zo over onze besnijdenis. Maar let eerst op. Het is “door de besnijdenis van Christus”. Het is niet door uw eigen goede voornemens en bedoelingen voor het nieuwe jaar. Het is doordat God Zijn eigen Zoon stuurde in een gedaante gelijk aan het zondige vlees om de zonde te veroordelen in het vlees.

“De wet was met zijn bepalingen tegen ons gericht, en Hij heeft dat uit het midden weggenomen door het aan het kruis te nagelen” (Kol. 2).

Het is zijn volkomen toewijding en gehoorzaamheid aan God, zichtbaar aan het kruis dat onze verlossing bracht. Dit is de besnijdenis van Christus. Op die dag vloeide zijn eerste bloed ter aarde dat de wereld heeft verlost. Dit was Zijn eerste daad van volkomen toewijding – van Zijn volmaakte offer – dat Hij zou volbrengen aan het kruis. Zo ontving Hij vandaag de Naam Jezus – God verlost. Jezus is de Naam de Hij vandaag kreeg. Die Naam vertelt ons waarvoor Hij komt: om te verlossen. Maar de Besnijdenis vertelt ons hoe. De twee zijn onlosmakelijk verbonden. En daarom is deze dag zo verschrikkelijk belangrijk.

Wij en de besnijdenis

Hoe zit het dan met onze besnijdenis? Paulus zegt immers:

In Hem bent u ook besneden met een besnijdenis die niet met handen plaatsvindt, door het uittrekken van het lichaam van de zonden van het vlees.” Paulus is helder “zij die in het vlees zijn kunnen God niet behagen.”

(1) Ten eerste. Er moet een besnijdenis plaatsvinden, maar dit is een inwendige besnijdenis, de besnijdenis van het hart. Dit is het nieuwe teken van lidmaatschap van het volk van de Messias. Vanaf nu zijn dit de besnedenen, het volk van God, en vormt de rest van de wereld – inclusief de Joden die menen te behoren tot de besnijdenis – de onbesnedenen. Zoals Paulus zegt in Romeinen 2

“Niet híj is Jood die het in het openbaar is, en niet dát is besnijdenis die in het openbaar in het vlees plaatsvindt, maar híj is Jood die het in het verborgene is, en dát is besnijdenis, die van het hart is, naar de geest, niet naar de letter.”

De uitwendige besnijdenis is nutteloos. Sterker nog: je nu nog laten besnijden omdat je daarmee denkt bij het volk van God te horen doet kwaad. Je denkt daarmee Jezus en de ware besnijdenis – Zijn offer aan het kruis – niet nodig te hebben. Daarom gaat Paulus zo te keer tegen degenen in zijn tijd die erop staan dat besnijdenis nodig is. Nergens doet hij dit meer dan in Zijn brief aan de Galaten.

“Zie, ik, Paulus, zeg u dat, als u zich laat besnijden, Christus u van geen nut zal zijn. En nogmaals betuig ik aan ieder mens die zich laat besnijden, … U bent van Christus losgeraakt, u die door de wet gerechtvaardigd wilt worden; en daarmee bent u uit de genade gevallen (Galaten 5:6).”

 Want ook zij die besneden worden, nemen zelf de wet niet in acht, maar zij willen dat u besneden wordt om zich te kunnen beroemen op uw vlees. Maar ik zal mij volstrekt niet beroemen op iets anders dan op het kruis van onze Heere Jezus Christus, door Wie de wereld voor mij gekruisigd is, en ik voor de wereld. Want in Christus Jezus heeft niet het besneden zijn enige kracht, en ook niet het onbesneden zijn, maar wel dat we een nieuwe schepping zijn. En allen die overeenkomstig deze regel wandelen: vrede en barmhartigheid zij over hen, Ja over het Israël van God.

Besnijdenis is voor niemand meer nodig nu de ware besnijdenis gekomen is. Zij vormen het Israël van God.

(2) Maar ten tweede. Hoe krijgen we dan die ware besnijdenis? Is het een geestelijke ervaring van bekering, van geloof in Jezus Christus, van gehoorzaamheid aan Hem? Dit alles hoort erbij. Maar er is meer. Paulus zegt het ons simpel wat de besnijdenis van de geest is die zonder handen plaatsvindt:

“U bent immers met Hem begraven in de doop, waarin u ook met Hem bent opgewekt, door het geloof van de werking van God, Die Hem uit de doden heeft opgewekt. En Hij heeft u, toen u dood was in de overtredingen en het onbesneden zijn van uw vlees, samen met Hem levend gemaakt door u al uw overtredingen te vergeven.”

 Het is in de Heilige Doop waar wij met hem sterven aan de zonde en opstaan met Hem in het nieuwe leven dat hij verkregen heeft in de opstanding, zoals Paulus zegt in Romeinen 6:

 “Of weet u niet dat wij allen die in Christus Jezus gedoopt zijn, in Zijn dood gedoopt zijn? Wij zijn dan met Hem begraven door de doop in de dood, opdat evenals Christus uit de doden is opgewekt tot de heerlijkheid van de Vader, zo ook wij in een nieuw leven zouden wandelen. … Dit weten wij toch, dat onze oude mens met Hem gekruisigd is, opdat het lichaam van de zonde tenietgedaan zou worden en wij niet meer als slaaf de zonde zouden dienen.”

In de Doop wordt het lichaam van de zonde tenietgedaan, of zoals in Kollosenzen uitgetrekken. Daarin staan we op en bekleden we ons met Christus.

Paulus maakt echter duidelijk genoeg dat de Doop enkel het begin is, zoals ook de besnijdenis was. Wat altijd volgt is zijn oproep niet meer slaafs de zonde te dienen en dus te doden de leden die op aarde zijn. We kunnen pleiten voor God op basis van onze doop, maar we kunnen geen rechten claimen. Het is louter genade in Jezus Christus die ons oproept tot een heilig leven.

Slot

En welk een boodschap is passender aan het begin van dit jaar. Elke dag, elke week, elke maand, elk jaar moeten we beginnen bij de verlossing die God voor ons volbracht heeft door ons te dopen in Jezus Christus, door ons daar te besnijden en deel te maken van het volk van God.

Zoeken we goede voornemens voor het nieuwe jaar om als gelofte te houden, waar beter dan in onze doopgeloften? Wel:

  •  verwerpt u, de duivel en al zijn werken?
  • de pracht en ijdelheden van deze boze wereld, met al haar hebzuchtige begeerten?
  • en al de zondige lusten van het vlees, zodat u die niet zult volgen en daaraan niet zult toegeven?
  • Gelooft – dat betekent vertrouwt en rust – u in de drie-enige God?
  • En wilt u in gehoorzaamheid Gods heilige wil en geboden houden en daarin wandelen al de dagen van uw leven?

 Dit is onze verantwoordelijkheid. Daarom geldt ook voor ons de waarschuwing van Mozes aan Israel in het eerder geciteerde Deuteronomium 30, die volgt op de belofte van de ware besnijdenis en uitstekend past aan het begin van een nieuw jaar:

 Ik roep heden de hemel en de aarde tot getuigen tegen u: het leven en de dood heb ik u voorgehouden, de zegen en de vloek! Kies dan het leven, door de HEERE, uw God, lief te hebben, Zijn stem te gehoorzamen en u aan Hem vast te houden – want Hij is uw leven en de verlenging van uw dagen. 

Laat de collect uw gebed deze week bepalen:

 Almachtige God, die tot heil van de mensen Uw gezegende Zoon aan de besnijdenis en de wet gehoorzaam gemaakt hebt; schenk ons de ware besnijdenis van de Geest, opdat in ons hart en in al onze leden alle wereldse en vleselijke lusten gedood worden en wij in alle dingen Uw gezegende wil gehoorzaam zijn, door Hem Uw Zoon, Jezus Christus, onze Heer. Amen.